Nieuws4 min leestijd

Allergieprotocol op de kinderopvang: zo werkt het voedselbeleid in 2026

Deel dit artikel

Allergieprotocol op de kinderopvang: zo beschermen organisaties jouw kind

Het aantal kinderen met een voedselallergie stijgt al jaren. Volgens het Voedingscentrum heeft naar schatting vijf tot acht procent van de jonge kinderen in Nederland een voedselallergie. Voor kinderopvangorganisaties betekent dit dat een goed allergieprotocol onmisbaar is. Maar hoe ziet zo'n protocol eruit en wat kun je als ouder verwachten?

Verplichtingen vanuit de wet

De Wet kinderopvang schrijft voor dat kinderopvangorganisaties een gezondheidsbeleid moeten hebben waarin voeding een vast onderdeel is. De GGD toetst tijdens de jaarlijkse inspectie of het voedingsbeleid op orde is. Het voedselbeleid wordt doorgaans opgesteld op basis van richtlijnen van het Voedingscentrum en in overleg met de GGD.

Daarnaast moeten kinderopvangorganisaties beschikken over een risico-inventarisatie veiligheid en gezondheid, waarin ook voedselveiligheid en het omgaan met allergieën een plek hebben.

Hoe werkt een allergieprotocol?

Een goed allergieprotocol bevat de volgende onderdelen:

  • Intake en registratie: Bij de aanmelding van een kind worden ouders gevraagd naar bekende allergieën. Deze worden geregistreerd in het kinddossier en gedeeld met alle betrokken medewerkers.
  • Lijst van veilige voedingsmiddelen: Per kind met een allergie wordt een lijst opgesteld van producten die wél en niet gegeven mogen worden.
  • Noodprotocol: Er is een stappenplan voor het geval een kind een allergische reactie krijgt. Dit omvat het toedienen van medicatie zoals antihistaminica of een adrenaline auto-injector (EpiPen).
  • Medicatie op locatie: De benodigde medicatie is altijd aanwezig en bereikbaar op de groep. Medewerkers weten waar de medicatie ligt en hoe deze toegediend moet worden.
  • Communicatie met ouders: Ouders worden betrokken bij het opstellen en bijwerken van het allergieplan. Bij wijzigingen in de allergie of het dieet wordt het protocol aangepast.

Training van medewerkers

Pedagogisch medewerkers worden getraind in het herkennen van een allergische reactie en het toedienen van noodmedicatie. Dit maakt vaak deel uit van de verplichte kinder-EHBO-cursus. Het is belangrijk dat niet alleen vaste medewerkers, maar ook invalkrachten op de hoogte zijn van de allergieën van kinderen op de groep.

De VIEcuri-kliniek voor kinderallergologie adviseert kinderopvangorganisaties om een duidelijk allergieprotocol op te stellen en dit ten minste één keer per jaar te evalueren, samen met de ouders van het betreffende kind.

Traktaties en verjaardagen

Een veelvoorkomend knelpunt zijn traktaties bij verjaardagen. Steeds meer kinderopvangorganisaties hanteren een traktatiebeleid waarbij alleen vooraf goedgekeurde traktaties worden uitgedeeld, of waarbij de organisatie zelf zorgt voor een veilig alternatief voor kinderen met een allergie.

Tips voor ouders

Als je kind een voedselallergie heeft, is het verstandig om bij het kiezen van een kinderopvanglocatie te vragen naar:

  • Het allergieprotocol en hoe dit in de praktijk wordt toegepast
  • De training van medewerkers in het herkennen en behandelen van allergische reacties
  • Het traktatiebeleid
  • Of invalkrachten geïnformeerd worden over allergieën
  • Hoe de communicatie verloopt bij wijzigingen in het menu of bij speciale activiteiten
Een goed allergieprotocol geeft ouders gemoedsrust en zorgt ervoor dat kinderen met een voedselallergie veilig en zorgeloos kunnen deelnemen aan alle activiteiten op de kinderopvang.

Advertentie

Advertentie ruimte - Accepteer cookies om advertenties te zien

Bronnen & Referenties

Dit artikel is gebaseerd op onafhankelijk geverifieerde bronnen van de Rijksoverheid, het CBS en brancheorganisaties.

  1. VIEcuri - Tips voor de opzet voor een allergieprotocol voor kinderopvang en schoolviecuri.nl
  2. Klachtenloket Kinderopvang - Gezondheidklachtenloket-kinderopvang.nl
  3. Deventer Ziekenhuis - Kind met allergie naar de kinderopvangdz.nl

Deel dit artikel